Stadsgebed Assen

Documentatie

Het Lucas evangelie
In het begin van het Lucas evangelie, hoofdstuk 3:21 lezen we over de doop van Jezus. Als Jezus bij zijn doop in gebed is komt er een stem uit de hemel: “Gij zijt mijn Zoon”, dit was de stem van God de Vader.
Wat Jezus bidt wordt niet vermeld. Lukas 23:46 geeft als laatste woorden van Jezus aan het kruis: Vader, in uw handen beveel Ik mijn geest.
Je hoort het intense van “Mijn Zoon” en “Vader”. Hieruit blijkt een innige “Vader – Zoon” relatie.
Ook in ons gebed is deze relatie van groot belang. Bij een echt gebed geef je niet het gebed of de gebeden aan God, maar geef je eerst jezelf aan God. Dit vergt overgave ofwel capitulatie.
Dan kom je door gebed in de omstandigheid dat de Vader tot ons kan spreken en wordt bidden een heilige communicatie met God, de Vader. Er zijn veel teksten in de bijbel over het hoe en wanneer te bidden, maar slechts weinig over het wat. Het gaat erom dat we met ons hart communiceren met onze Vader (en daar passen formuliergebeden niet in).


Voorbede, hoe doe je dat?
De eerste betekenis van het nieuwtestamentische woord voor bidden (aiteio) is ‘vragen’.
We kunnen daarbij een onderscheid maken tussen vragen voor onszelf – de bede – en vragen voor een ander – de voorbede. Heeft voorbede zin? Ja, want onze God is een aanspreekbare God, een God bij wie wij inspraak hebben. We mogen erop vertrouwen dat Hij Zich laat verbidden.
God heeft Zich in zijn bestuur over deze wereld vrijwillig aan ons mensen gebonden. Hij regeert de wereld mede door het gebed van zijn kinderen.
Als we dat goed tot ons laten doordringen, gaan we beseffen hoe belangrijk en noodzakelijk de voorbede is.
Vaak is dat een zaak van lange adem; maar Jezus spoort ons aan, “altijd te bidden en niet te verslappen."
(Luc. 18:1). Geen gemakkelijke opdracht in onze ‘hap/snap’ cultuur met snel/klaar oplossingen. Toch hebben we die opdracht gekregen en vannacht kunnen we laten zien dat het ons ernst is met deze opdracht.


1 Timothéüs 2:1-6
1. Allereerst vraag ik dat er voor alle mensen gebeden wordt, dat er smeekbeden, voorbeden en dankgebeden voor hen worden uitgesproken. 2 Bid voor alle koningen en gezagsdragers, opdat we rustig en ongestoord kunnen leven, in alle vroomheid en waardigheid. 3 Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze redder, 4 die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen. 5 Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus, 6 die zichzelf gegeven heeft als losgeld voor allen, als het getuigenis voor de vastgestelde tijd.


Op de knieën (Bron: Visie nr. 29 / 2008, Tekst: Dirk van Genderen)
Gaat u mee op de knieën voor de Here God? Het lijkt me noodzakelijker dan ooit om tot Hem te gaan,
misschien wel in samenkomsten van verootmoediging en gebed. De wereld verkeert in een crisis en in
veel kerkelijke gemeenten is het ook crisistijd. Bidt u mee?

'O God, U, Die alle eer, lof en aanbidding toekomt. Wij verootmoedigen ons voor U, de heilige en rechtvaardige God, Die we door het volbrachte offer van de Here Jezus aan het kruis Vader mogen noemen. We zijn weggedwaald van U en dienen de afgoden van deze tijd, ook in de kerk. Onze theologieën stellen we soms boven Uw Woord. En tekenen en wonderen vinden we wel eens belangrijker dan Uzelf. We hebben Uw geboden overtreden en zijn U ongehoorzaam geweest. Wat U zegt in Uw Woord, geloven wij niet altijd meer. Wat U verbiedt in Uw Woord, keuren wij soms goed.

Vader in de hemel, we zien op naar U. Ontfermt U Zich over ons land en over ons volk. Scheur de hemel en kom, Here. We wijzen niet met onze vinger naar die of naar die, maar we knielen neer en belijden onze eigen zonden en de zonden van ons volk, omdat het onze zonden zijn die scheiding maken tussen U en ons. Wij, als reformatorische christenen, waarschuwden tegen de geestelijke gevaren van de evangelischen. En wij als evangelische christenen, veroordeelden de reformatorischen. Terwijl U, o Here Jezus, Uw Vader smeekte om eenheid onder allen die in U zouden geloven. Vergeef ons onze zonden en stort Uw liefde uit in onze harten.
Geef dat we één zullen zijn in U, opdat de wereld gelove!

Here, we ervaren dat de geestelijke strijd soms hevig is. We willen schuilen bij U en we bidden om moed en kracht in de strijd tegen de duisternis. En al moeten we soms lijden vanwege het volgen van U, dan verheugen we ons erover dat U ons daartoe waardig acht. Geef ons genade al onze eigen opvattingen opzij te zetten en op U alleen gericht te zijn. Wij voelen ons soms zo machteloos, maar we weten dat U de Almachtige bent. We hebben van alles geprobeerd, maar de meeste kerken worden leger en leger. Schenk een herleving in Uw gemeente. Vervul ons voortdurend met Uw Geest, zodat Uw heerlijkheid zichtbaar wordt. We bidden om de vrede van Jeruzalem, vanuit een diep besef dat U ons wilt zegenen wanneer we Uw volk zegenen. Als we op de zonden zien die in ons land plaatsvinden, en ook in kerken en christelijke organisaties, dan is er bij ons een beschaamd gelaat. Here, wij hebben Uw oordelen verdiend. O Here, hoor. O Here, vergeef. O Here, merk op.
Treed handelend op. Doe Uw aangezicht weer lichten over ons land en over ons volk. We willen U danken, hemelse Vader, dat we mogen weten dat U de levende God bent. De God Die spreekt. We weten dat U de wereldgeschiedenis leidt, evenals ons leven en dat het U nooit uit handen zal lopen. We zien uit naar de wederkomst van de Here Jezus en het Rijk van vrede en gerechtigheid dat Hij tot stand zal brengen.
En in deze laatste dagen voor Zijn komst zien we op naar U. We loven en aanbidden U. Uw grote Naam willen we verheerlijken. Verander ons steeds meer naar het beeld van Uw Zoon, Die we zo van harte liefhebben. Heilig en reinig ons, opdat we eenmaal onberispelijk voor U zullen staan. Amen.'